#02002 American Spirit

Om op onze plaats van bestemming te geraken moest ik concessies doen. Friedrichshain was te ver om te lopen, zeker na onze lange middagwandeling. Daarom strompelden we maar naar het dichtstbijzijnde station van de S-Bahn om ons naar de ruige wijk in het oosten te laten transporteren.

Zo’n veertig, vijfenveertig meter voor de ingang van de Nordbahnhof deed Thijs al zijn mondkapje op. Ik ging met mijn rechterhand langzaam naar de kontzak van mijn korte spijkerbroek en stak mijn wijsvinger, middelvinger, ringvinger en pink erin. Ik had het stukje textiel dat ik, voor de zekerheid, al de hele dag bij me droeg nog niet eerder nodig gehad, maar vanaf nu was het even verplicht.

Bij mij thuis bepaal ik wat de regels zijn. En je mag altijd langskomen, als je maar kunt accepteren dat er geen regels zijn.

Maak herrie, teken op de muren, gebruik wat je gebruiken wilt, schijt in de hoek, zet me voor lul, pis in mijn bier, rook mijn peuken, steek mijn wodka in de fik, spuit de hele boel onder, blaas het dak eraf, doe wat je moet doen en doe het vooral vol overtuiging. Blijf slapen als je wilt of laat mij voor dood achter. Ik vind het allemaal prima.

Het enige dat ik ervoor terugvraag is dat je mij niet gaat vertellen wat ik wel of niet moet doen.

Als ik de regels bij de buren niet wil respecteren kan ik beter niet op bezoek gaan. Ga ik toch, dan zal ik desgevraagd mijn schoenen uitdoen. Ja, dan zal ik zelfs mijn gezicht bedekken. Het zal de laatste keer zijn dat ik langskom, maar waarschijnlijk is dat dan ook precies de bedoeling.

Op de roltrap naar beneden merkte ik dat mijn mondkapje naar shag rook, waarschijnlijk omdat ik soms shag rook. Ik zou kunnen opscheppen dat ik zelfs het merk kon ruiken, maar dat is misschien te makkelijk als je al jaren niets anders dan American Spirit hebt gekocht.

Het was best druk op het perron. De sporen lagen redelijk ver uiteen, doch de mensen liepen hier ineens vlak langs elkaar. Na ongeveer drie minuten begonnen de rails te gillen en te piepen. Een schaduw viel in een sneltreinvaart over ons heen.

Ik drukte overdreven opvallend met mijn blote wijsvinger op het knopje. En nog een keer. Door de ramen zag ik een lichte paniek in de ogen van het volk dat uit wilde stappen. Ik drukte nog keer. En nog eens. En nog eens. Ik besloot de knop ingedrukt te houden.